Op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming worden cookies als persoonsgegevens beschouwd. Op deze website wordt van cookies gebruik gemaakt. Verdere informatie hierover kunt u vinden in ons privacystatement. U wordt hierbij verzocht om kenbaar te maken dat u met het gebruik van cookies instemt.
AKKOORD  Lees meer
compleet & ongebonden sinds 1995
WEEK 45 8-11 t/m 14-11
WEB | mobiel
The Old Man and the Gun - Film van de week
MENU
Home > Filmnieuws > Hitchcock/Truffaut recensie
Recensie
***1/20
Waardering 3.5/5

Hitchcock/Truffaut recensie

'Hitchcock: een unieke en vernieuwende filmmaker'

19-1-2016 Een bijbel, noemt Kiyoshi Kurosawa het boek Hitchcock/Truffaut, resultaat van een reeks interviews die François Truffaut in 1962 had met Alfred Hitchcock. Film voor film namen ze het oeuvre van de master of suspense door in gesprekken die een lust zijn voor elke filmliefhebber. Het boek vormde de bron voor de gelijknamige documentaire van Kent Jones.

Delen op facebook
Hitchcock/Truffaut recensie

Hitchcock/Truffaut recensie

Truffaut wilde met zijn boek Hitchcock bevrijden van zijn reputatie als entertainer, zoals in de documentaire wordt gezegd. Hij wilde laten zien dat de films van Hitchcock het werk van een kunstenaar waren. Zoals hij het later zelf zou verwoorden tijdens een speech: ‘In America, you call this man Hitch. In France, we call him Monsieur Hitchcock’. Die bewondering spreekt ook uit het boek. Truffaut bereidde zich minutieus voor op de interviews, kende de films van Hitchcock van buiten, zo goed zelfs dat hij hier en daar Hitchcock verbeterde wanneer die zich een scène verkeerd herinnerde.

Hun totaal verschillende achtergrond droeg enkel bij aan de levendigheid van de gesprekken. Truffaut was amper dertig, schreef voor het legendarische filmtijdschrift Cahiers du cinéma en stond met zijn handjevol films aan de wieg van de Nouvelle Vague, Hitchcock had al ruim vijftig films op zijn naam en had aan zijn silhouet genoeg om herkend te worden over de hele wereld. Maar de gesprekken waren gebaseerd op onderling respect en nieuwsgierigheid. En bovenal op de diepgewortelde liefde voor cinema. Hitchcock toont zich daarbij een prettige zelfanalist. Relativerend, kritisch, ambitieus maar nooit pretentieus.

Jones hoeft eigenlijk weinig toe te voegen in zijn documentaire en doet dat ook niet. Passages uit het boek worden aangehaald, regelmatig gelardeerd door de audio-opnames van de gesprekken tussen Hitchcock en Truffaut en de foto’s die Philippe Halsman van hun ontmoetingen maakte. Wat Jones toevoegt is de omlijsting met analyses door hedendaagse filmmakers als Martin Scorsese, Wes Anderson, Olivier Assayas en David Fincher. Het is mooi te zien hoe gepassioneerd dit soort uiteenlopende makers praten over het werk van Hitchcock en hoe dat hen beïnvloed heeft, want we dreigen soms bijna weer te vergeten wat een unieke en vernieuwende filmmaker Hitchcock was.

Het beste bewijs daarvan zijn natuurlijk de films van de meester zelf en dat begrijpt Jones ook. Hij put rijkelijk uit de archieven en benut zo ten volle het grootste voordeel dat hij heeft ten opzichte van het boek. Terwijl we Ingrid Bergman en Cary Grant al kussend door de kamer zien bewegen, horen we Hitchcock op de geluidsband vertellen hoe ongemakkelijk de acteurs zich daaronder voelden, waarop hij antwoordde: ‘I don’t care how you feel, I already know what it’s gonna look like on the screen.’ Een sleutelzin. Wat voor Hitchcock telde was niet of iets plausibel was of logisch voelde voor de acteurs, maar hoe het eruit zou zijn op film en hoe het publiek dat zou ervaren. In zijn eigen woorden: ‘I was giving the public the great privilege of embracing Cary Grant and Ingrid Bergman together. It was a kind of temporary ménage à trois.’

In het boek schrijft Truffaut over een eerbetoon aan Hitchcock waar een aantal scènes uit diens films werden getoond. Ontdaan van hun context brachten de scènes, die Truffaut zo goed kende, hem ineens opnieuw in vervoering. Datzelfde effect bereikt Kent Jones met zijn documentaire. Het viel me ineens weer op hoe gewelddadig de zo overbekende douche-scène in Psycho is. Zelfs met alle gruwelen die we tegenwoordig gewend zijn. En hoe buitenaards dat shot van Kim Novak is wanneer ze in dat merkwaardige groene licht de badkamer uitstapt voor de ogen van "Jimmy Stewart". ‘The single greatest moment in the history of movies’, volgens James Gray.

Alfred Hitchcock was niet geïnteresseerd in een zo realistisch mogelijke weergave van de werkelijkheid. ‘Er is een idee van realiteit’, zoals Arnaud Desplechin stelt. Tekenend daarvoor zijn die autoshots die altijd terugkomen in zijn films, waarbij het personage in de auto zo overduidelijk losgezongen is van de buitenwereld op de achtergrond. Alsof we ons samen met het personage ergens bevinden aan de grens van de werkelijkheid. Wat ook wel zo is. Want wat Hitchcock filmde waren zijn en daarmee ook onze dromen, obsessies en angsten. En vooral ook de verlangens, onderdrukt en soms pervers.

Blijf in contact!

en abonneer je op onze nieuwsbrief.