Op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming worden cookies als persoonsgegevens beschouwd. Op deze website wordt van cookies gebruik gemaakt. Verdere informatie hierover kunt u vinden in ons privacystatement. U wordt hierbij verzocht om kenbaar te maken dat u met het gebruik van cookies instemt.
AKKOORD  Lees meer
compleet & ongebonden sinds 1995
WEEK 28 12-7 t/m 18-7
WEB | mobiel
Redbad - Film van de week
MENU
Home > Filmnieuws > Jackie recensie
Recensie
*****
Waardering 5/5

Jackie recensie

'Volstrekt unieke biopic'

15-2-2017 Natalie Portman lijkt met haar titelrol in Pablo Larraíns Jackie verzekerd van een Oscar. Maar vooral toont Larraín na Neruda opnieuw dat hij biopics maakt op een volstrekt unieke en fascinerende wijze.

Jackie kijkt als een droom. De shots badend in warme, romantische kleuren, omlijst met de hypnotische strijkers van Mica Levi. Maar het is een droom gehuld in een mist van verdriet, verlamd door de keerzijde ervan. De film speelt zich af in de momenten en dagen na de moord op John F. Kennedy. De voorbereidingen van de begrafenis, de overdracht van de macht. Maar dat zijn slechts de gebeurtenissen. Het is niet waar Jackie over gaat.

Historicus Ernst Kantorowicz onderscheidde eens de twee lichamen van de koning: het natuurlijke, sterfelijke lichaam en het politieke lichaam dat het aardse ontstijgt. In veel van de koningsstukken van Shakespeare zijn de twee zichtbaar en vooral het conflict dat daartussen ontstaat. En ook in Jackie zien we het, in de nadruk die Pablo Larraín legt bijvoorbeeld op kleding. Het begint met dat bekende mantelpakje, dat zuurstokroze mantelpakje met de gouden knopen en de zwarte voering. Als Jackie lachend en zwaaiend het vliegtuig uitstapt in Dallas, Texas is ze een wandelend icoon.

Jackie (c) The Searchers

Jackie (c) The Searchers



Maar datzelfde mantelpakje raakt voor het oog van de wereld besmeurd met bloed en zodra ze alleen is trekt ze het uit, iets wat Larraín filmt met een nadruk die het bijna ritualistisch maakt. Hier stapt het natuurlijke lichaam uit het politieke lichaam. In het volgende shot staat Jackie onder de douche, haar rug naar ons toegekeerd.

Larraín omkadert de scènes over de directe nasleep van de moordaanslag met scènes waarin Jackie geïnterviewd wordt door een in de film niet bij naam genoemde, maar op Theodore H. White gebaseerde journalist. Daarmee introduceert Larraín de burgers in het verhaal. En vooral: hun (en in het verlengde daarvan ons) verlangen om toegang te krijgen tot Jackie Kennedy, tot haar emoties, haar verdriet. Het is het mechanisme van collectieve rouw, dat iets naar de publieke ruimte trekt wat eigenlijk zo ontzettend privé is.

Jackie zit vol close-ups van het gezicht van Natalie Portman. Frontaal en gecentreerd in beeld. We kunnen er niet omheen. Daarmee geeft Larraín het publiek wat het verlangt: het verdriet van de elusieve Jackie Kennedy. Maar dat verdriet is zo onontkoombaar, zo beeldvullend, dat het overweldigt. Wanneer Jackie aan de verslaggever vertelt hoe ze in de auto zat met het hoofd van haar man in haar schoot – het bloed, de hersenen – voelen we weerstand. Het toont de paradox dat we die privésfeer willen betreden, maar alleen als het ruimte laat voor onze eigen fantasie. En de realiteit is dat die ruimte niet bestaat. Dat het verdriet, het trauma, alles naar buiten drukt.

In een van de spaarzame andere scènes waarin Jackie alleen is, speelt opnieuw kleding een belangrijke rol. Ze zet een lp op van Camelot, de bekende musical met Richard Burton en Julie Andrews waar manlief fan van was, en past allerlei verschillende jurken aan. Wanhopig op zoek naar dat politieke lichaam, dat zich kan losmaken van die allesverterende pijn. Het is een balanceeract die van haar gevraagd wordt. Tussen wat persoonlijk blijft en wat publiek wordt. Iets wat haar altijd goed is afgegaan. Maar de moord heeft zich er als een splijtzwam tussen gezet.



De naam Camelot (het kasteel van Koning Arthur) raakte verbonden aan het presidentschap van Kennedy door het interview dat Jackie Kennedy gaf aan Theodore H. White. Pablo Larraín gebruikt het om, zoals hij dat op een andere manier ook deed in Neruda, te laten zien dat geschiedschrijving constructie is. Een verzameling ficties. En hij voegt daar een intrigerende fictie aan toe.

Blijf in contact!

en abonneer je op onze nieuwsbrief.